skip to Main Content
Luister of lees: Nicoline Swen over muren

Luister naar  de dienst met Nicoline Swen op zondag 26 juli terug. Nicoline Swen preekte over logion zes  uit het Evangelie van Thomas en uit het 21ste hoofdstuk van het Bijbelboek Openbaringen. Hieronder is de preek ook terug te lezen. De start van de dienst is op 8 minuten en 40 seconden.

MUREN

Tijdens de Coronaweken, om het zo maar te noemen, is Nederland, als je de media mag geloven, massaal aan het opruimen geslagen. Weg met alles wat je belemmert. Ruimte!  En ja, ook wij hebben thuis een poging gedaan. En zodoende kwam bij ons dit weer eens van zijn plek, al leg ik ‘m daar straks wel weer terug, dit gaat niet weg.  Het is een brok puin. Aan één kant wit gemaakt met een gele vlek of veeg erop, graffiti waarschijnlijk. De andere kant is ruwe steen. Het is een stuk van de Berlijnse muur.

Een stuk steen

Ik vind het ongelofelijk te bedenken dat dit stuk steen letterlijk tussen mensen in heeft gestaan. Mensen van elkaar heeft gescheiden. Zussen van hun broers, ouders van hun kinderen, vrienden van elkaar, mensen van hun dromen.  En als je de verhalen hoort van mensen na de val van de muur; mensen die elkaar eindelijk weer in de armen konden sluiten, dan hoor je de onbeschrijfelijke impact die zo’n scheiding heeft. Dat je identiteit opeens wordt teruggebracht tot: je hoort bij west of oost, of zoals in Korea noord of zuid. Een identiteit die meerendeels bepaald wordt niet door wie  je bent, maar door wat je bent: Zoals zwart óf blank, man óf vrouw.  Wie had toch ooit kunnen denken dat na alleen al ruim tweeduizend jaar Christendom, toch een religie gebaseerd op intrinsieke gelijkwaardigheid, op liefde, op ‘niemand te klein, niet een te min’, we anno 2020 ons moeten uitspreken voor die gelijkwaardigheid. Hoe kan het dat mensen daar nog aan twijfelen?

Waarachtig

Wat is het geheime wachtwoord om toegang te krijgen?  Dat is eigenlijk ook de vraag die de leerlingen, volgens het Thomasevangelie, aan Jezus stellen: Wat moeten we doen om erbij te horen?  Om in het goeie hokje te passen; binnen de muren.Wil je dat we vasten?
Zullen we bidden? Of moeten we aalmoezen geven? Vertel ons welk eten we wel mogen eten en wat juist niet. En Jezus zegt: Nee! Er is helemaal geen hokje.  Natuurlijk, er is die opdracht aan ons allen om de liefde te dienen, maar daar voldoe je niet aan door de regeltjes.  Er is geen geheim wachtwoord. We zijn geen geheim genootschap, waar je, door mystieke riten, bij kan horen.  Wie denk je dat je voor de gek aan het houden bent? Je moet waarachtig zijn, echt. En dat moet van binnenuit komen.

Trouw

Wij mensen hebben elkaar nodig. Niet als gevangenbewaarders van absolute waarheden, maar als moedige, vrije mensen die elkaar het licht gunnen.  Jouw diepste kern, je goddelijke kern zo je wilt, Thomas noemt het ‘het Kind in jezelf’, vind je niet door allerlei leefregels uit je hoofd te leren, en die aan te wenden voor de vormgeving van je leven, en je kunt je medemens al helemaal niet leren zien door die leefregels ook op te leggen aan anderen. Wezenlijk is dat je trouw bent aan jezelf.

Jezelf worden

Jezus zegt hier, en Loesje heeft dat later van hem overgenomen: Het mooiste, het enige, dat je kan worden, is jezelf. Al het andere is onwaarachtig, is nep. En als we dat wel doen, onwaarachtig zijn/een masker dragen/ons anders voordoen dan we zijn, moeten we levenslang de poorten bewaken zodat niemand naar binnenglipt om te zien hoe het echt is, met ons. Dus: Dikker en hoger de muren, strenger de wachter bij de poort. Banger jij, binnen de muren, want wat nou als de muren het niet houden en de mensen je echt zouden zien. Wat zonde, als dat nu voor jou geldt. Hopelijk vind je de moed om vertrouwen te hebben. Om je muur stukje bij beetje af te breken zodat je vrij bent om jezelf te zijn.

Ik heb makkelijk praten

Je hoeft niet ergens aan te voldoen om erbij te horen. Je hoort erbij, onvoorwaardelijk. Dat is de boodschap van Jezus. Een mooie boodschap voor de zondagmorgen. En voor mij volkomen vanzelfsprekend. Tegelijk weet ik ook dat ik heel makkelijk praten heb: Blank, hoog opgeleid, gezond, hetero, vrouw in een geëmancipeerde wereld. Ik heb nooit te maken met muren: Dat mijn sollicitatie wordt afgewezen op mijn naam, dat als ik een winkel binnenstap de beveiliger mij voortdurend in de gaten houdt, dat ik in elkaar geslagen wordt als ik hand in hand loop, dat ik ieder jaar moet zien te bewijzen dat ik echt ziek ben….en anders geen geld, dat als ik aan de beurt ben de discotheek opeens vol is, dat mijn nek onder een politieknie… die niet van wijken weet.  Dus al die dingen waar ik zelf helemaal niets aan heb bijgedragen, zijn mij toegevallen, zoals mijn naam, mijn kleur, mijn sexuele voorkeur, mijn gezondheid bepalen dat ik, als een soort geboorterecht – als een koningskind – recht heb op een plekje binnen die muren van gelijk en geluk. Ik heb heel makkelijk praten.

Wat ben je zo bang om te verliezen?

De boodschap van Jezus hier is daarom ook niet in de eerste plaats bedoeld voor de mensen die er niet bij horen. Om hen te bemoedigen: Jullie zijn heus ook waardevol, jullie horen er ook echt wel bij.  Nee: Die boodschap is bedoeld voor de mensen die denken dat het inderdaad zo is dat zij recht hebben op de plek die ze innemen, en dat anderen dat recht niet hebben. Dat zij inderdaad meer waard zijn dan die ander met een andere kleur, geloof, sexuele voorkeur. Het is de oproep voor de mensen die de muren bouwen en ophogen en bewaken, voor de mensen die de sollicitatiebrieven beoordelen, voor de mensen die de orde handhaven, voor mij. Het geluk dat jij hebt dat je zo gemakkelijk kon komen waar je nu bent, brengt plichten met zich mee. Om steeds weer muren af te breken en poorten open te gooien. Om jezelf eerlijk te bevragen waar je bang voor bent.

En elke poort was een parel op zich

Wanneer wordt je bescherming je gevangenis?  Johannes heeft dat heel goed begrepen. Zijn visioen van die nieuwe hemel en die nieuwe aarde. Als je je even voorstelt hoe dat in later eeuwen vaak is voorgesteld, dan doemt dat beeld op van de brede en de smalle weg. De brede weg waarover Jan en alleman maar doet en loopt, dat kan natuurlijk niet goed gaan. De ware weg is een smal en moeizaam pad. Een enkel spoor dat, met de nodige inspanning, leidt naar De Poort, De toegang tot het heil. Dat is toch niet het beeld dat Johannes hier schetst:  twaalf poorten zijn er in de muur, drie in het noorden, drie  in het zuiden, drie in het oosten en drie in het westen.  Als je dat letterlijk ziet, in die eerste eeuw na Christus, dan was er aan alle kanten onbekend land. Vreemde volkeren, vreemde goden, onbekende verten. De Egyptenaren, de joden, de Grieken, de Romeinen, mensen uit Azie, mensen uit zuid-Europa. Maar van welke kant je ook kwam, in het visioen van Johannes, één van de toegangspoorten van die Gouden Stad was jouw kant op gericht. Twaalf toeganspoorten in totaal, het getal van de heelheid, voor een veelheid en diversiteit aan mensen  Het zijn poorten die nooit dicht zullen zijn. Iedereen is welkom die in het boek des levens staat. Alle volken. Ieder mens die wil leven…

…en laten leven.

Nicoline Swen, Wassenaar 26 juli 2020

 

 

Back To Top
×Close search
Zoeken